Vraag en antwoord op hervorming langdurige zorg Zorgverzekeringswet (Zvw)

Geplaatst op: 15 December 2014

Vanaf 2015 kunnen mensen via de Zorgverzekeringswet (Zvw) thuis verpleging en/of verzorging krijgen. Dit kan als iemand geneeskundige zorg nodig heeft of als het risico daarop hoog is. In de praktijk kijkt de wijkverpleegkundige wat de cliënt nodig heeft. Vanaf 2015 is ook een deel van de geestelijke gezondheidszorg in de Zvw opgenomen.

Wanneer kan iemand gebruikmaken van de Zvw?
Het grootste deel van de extramurale verpleging en verzorging is vanaf 2015 opgenomen in de Zvw. Extramuraal betekent dat mensen deze zorg thuis krijgen. Op dit moment valt deze zorg nog onder de AWBZ. Ook een deel van de geestelijke gezondheidszorg is vanaf 2015 in de Zvw opgenomen.

Mensen krijgen verpleging en verzorging via de Zvw als ze geneeskundige zorg nodig hebben of als hun risico daarop hoog is. Dit zijn mensen met een gezondheidssituatie die snel kan veranderen en verslechteren. Bijvoorbeeld kwetsbare ouderen. Deze mensen krijgen vaak al (intensieve) huisartsenzorg of ziekenhuiszorg.

In de praktijk kijkt de wijkverpleegkundige wat iemand nodig heeft. De rol van de wijkverpleegkundige wordt sterker: de wijkverpleegkundige is een spil in de zorg en de schakel tussen het medische en sociale domein.

Welke criteria gelden vanaf 2015 voor langdurige zorg via de Zvw?
Belangrijke voorwaarde is de behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop. In de praktijk kijkt de wijkverpleegkundige welke zorg een cliënt nodig heeft.

Hoe gaat de uitvoering van langdurige zorg via de Zvw?
De wijkverpleegkundige kijkt wat een cliënt nodig heeft. De wijkverpleegkundige let daarbij niet alleen op geneeskundige zorg. De wijkverpleegkundige stelt eerst vast welke geneeskundige zorg nodig is. Daarnaast kijkt de wijkverpleegkundige of andere ondersteuning een rol kan spelen. Bijvoorbeeld huishoudelijke ondersteuning. De gemeente kan gebruikmaken van de bevindingen van de wijkverpleegkundige. Daarom maakt de wijkverpleegkundige deel uit van het sociaal wijkteam.

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen in de Zvw per 1 januari 2015?
Vanaf 2015 kunnen mensen via de Zvw thuis verpleging en verzorging krijgen. Dit kan als er sprake is van behoefte aan geneeskundige zorg of als het risico daarop hoog is. Ook is vanaf 2015 een deel van de geestelijke gezondheidszorg in de Zvw opgenomen.

Waar kan ik meer informatie over de veranderingen vinden?
Meer informatie over de veranderingen vindt u op www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/hervorming- langdurige-zorg.

Welke verzorging is vanaf 2015 opgenomen in de Zvw en welke verzorging valt onder de Wmo?
Het grootste deel van de extramurale verzorging die nu onder de AWBZ valt, is vanaf 2015 opgenomen in de Zvw. Extramuraal betekent dat mensen deze verzorging thuis krijgen. Een klein gedeelte van de verzorging valt vanaf 2015 onder Wmo. Die verzorging wordt door de gemeente gegeven.

Mensen krijgen verpleging en verzorging via de Zvw als ze geneeskundige zorg nodig hebben of als hun risico daarop hoog is. Dit zijn mensen met een gezondheidssituatie die snel kan veranderen en verslechteren. Bijvoorbeeld kwetsbare ouderen. Deze mensen krijgen vaak al (intensieve) huisartsenzorg of ziekenhuiszorg.

Soms biedt de gemeente ondersteuning bij algemeen dagelijkse levensverrichtingen (ADL). Maar alleen als deze ADL een onderdeel van begeleiding zijn. De ondersteuning bij ADL is dan niet geneeskundig van aard. En er is ook geen hoog risico op geneeskundige zorg.

Aanvullend antwoord
In de Zvw krijgt de prestatie verpleging en verzorging een andere vorm dan de verpleging en verzorging in de AWBZ-aanspraken. Het gaat in de Zvw om verpleging en verzorging zoals verpleegkundigen die bieden. Hierbij is geen sprake van verblijf in een instelling. De AWBZ-functie persoonlijke verzorging, in de zin van activiteiten binnen de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), valt ook onder ‘zorg zoals verpleegkundigen die bieden’. De verpleging en verzorging zijn zo met elkaar verweven dat die twee functies inhoudelijk eigenlijk niet te scheiden zijn.