Een digitaal kluisje waarover de cliënt zelf regie voert

Geplaatst op: 1 December 2020

Zo-Dichtbij is een ‘digitaal kluisje’, een app waarmee mensen gegevens over zichzelf kunnen opslaan. Die gegevens kunnen ze delen met zorgverleners of andere mensen voor wie dat handig is. Met wie ze dat doen bepalen mensen zelf. Karin van den Ende, wijkverpleegkundige bij Pieter van Foreest, vertelt hoe ze het digitale kluisje willen inzetten om meer tijd over te houden voor de mensen zelf. 

Pieter van Foreest werkt aan de implementatie van een digitaal kluisje met persoonlijke informatie van cliënten. Zij bepalen zelf welke informatie erin staat en met wie die wordt gedeeld. ‘De cliënt heeft meer regie en wij hebben meer tijd voor mensen.’

Karin van den Ende, wijkverpleegkundige bij Pieter van Foreest, kent geen twijfels over de potentie van Zo-Dichtbij. ‘Ik verwacht dat Zo-Dichtbij voor zorgmedewerkers drie verbeteringen gaat opleveren: het maakt de zorg makkelijker, het neemt ons allerlei administratie uit handen én de cliënt krijgt meer regie over zijn zorg en zijn leven.’

Digitaal kluisje

Zo-Dichtbij is eigenlijk een ‘digitaal kluisje’ waarvan de cliënt de inhoud bepaalt én de sleutel stevig in handen heeft. Alleen met toestemming worden gegevens over wonen, zorg en welzijn gedeeld. Het ‘kluisje’ is in de praktijk een app waarin mensen gegevens over zichzelf kunnen opslaan: over wat ze graag doen, hoe vitaal ze zijn, hoe zelfstandig ze functioneren. Het bijzondere van Zo-Dichtbij is dat de regie bij de cliënt ligt, want die bepaalt zelf wie toegang krijgt tot welke informatie. Dat kan de mantelzorger zijn, de wijkverpleegkundige of degene die het keukentafelgesprek komt voeren. Met die informatie kunnen zij hun voordeel doen, want ze komen veel beter beslagen ten ijs. Bovendien, zegt Karin van den Ende, ‘alle informatie die de cliënt wil delen, hoeven wij niet eerst te proberen via de huisarts te pakken te krijgen. Alleen dat scheelt al veel tijd.’

Veel vertrouwen

Karin van den Ende werkt met Zo-Dichtbij omdat haar werkgever Pieter van Foreest veel vertrouwen heeft in het concept en een aantal medewerkers betrok bij de implementatie. Ze geeft een voorbeeld van hoe het straks in de praktijk zal werken. ‘Stel, een cliënte komt uit het ziekenhuis na een heupoperatie. Ze mag zes weken lang niet bukken, ze kan zich niet zelf wassen en aankleden. Op dit moment komen wij dan nog met duizend-en-één-vragen: Hebt u een toilet op hoogte? Wat zijn uw looproutes in huis? Hoe gaat het met uw wond? Eet u wel goed? Maar veel gegevens kan de cliënt op voorhand met ons delen via Zo-Dichtbij. Ze kan bijvoorbeeld ons intakeformulier al deels invullen. Dat scheelt zowel haar als ons een heleboel werk.’

Niet alle ouderen

Karin denkt niet dat Zo-Dichtbij door álle ouderen zal worden omarmd. ‘Niet alle tachtig- en negentigplussers hebben internet of kunnen ermee uit de voeten. Ik ken genoeg cliënten die er niks van moeten weten. Maar ik ken ook een man van negentig jaar die verslááfd is aan zijn smartphone, die elke dag beeldbelt en die via internet zijn hele stamboom heeft uitgezocht. Hij zal Zo-Dichtbij zeker gebruiken, maar dat geldt niet voor iedereen. Mijn ervaring is dat zeventigplussers over het algemeen wél behoorlijk vaardig zijn met al die apparaten.’

 

Bron: https://www.aalmagazine.nl/zo-dichtbij/