“Het vertrouwen van cliënten moet je verdienen”

Anita de Jonge, casemanager

1 op de 5 mensen krijgt de ziekte dementie. Op dit moment komt dit op neer op zo’n 270.000 mensen in Nederland en naar verwachting zal dit stijgen tot ruim een half miljoen in 2040. Als je geconfronteerd wordt met dementie heeft dit een grote impact met vergaande gevolgen, voor zowel de persoon zelf als voor de naasten. Wat nu? Hoe gaat de ziekte zich ontwikkelen? Wat gaat de toekomst brengen? Waar moet ik heen? Anita en haar collega’s bouwen bij de eerste tekenen van dementie een band op met de cliënt en zijn of haar familie. Dit is het begin van een intensieve relatie waarbij Anita de cliënt bijstaat met raad en daad en waarbij vertrouwen de basis vormt.

Ze komt van oorsprong uit Leiden en werkte voorheen in een soortgelijke functie in Brabant. Een paar jaar geleden is zij het team van Pieter van Foreest komen versterken. Anita de Jonge vertelt bevlogen over haar veelzijdige beroep. “Een casemanager is een echte spin in het web en regelt alle zorg rondom de cliënt. Daarnaast heb ik nauw contact met huisartsen, wijkverpleegkundigen, Alzheimer DWO en het Alzheimercafé. Mijn werk begint met een gezond stukje nieuwsgierigheid door je af te vragen wat er zich achter die voordeur afspeelt. Een casemanager is in de eerste plaats ‘mens’. De problemen die je tegenkomt moeten je écht raken. Vanuit die situatie kun je als professional schakelen en de mantelzorg gaan organiseren met o.a. partner, wijkzorg, familie, vrienden en buren. Je krijgt te maken met probleemsituaties waarbij een hoog inlevingsvermogen de basis is om de juiste beslissingen te kunnen nemen die voor de cliënt en zijn omgeving het beste zijn. Het streven is altijd dat iemand zo lang mogelijk zelfstandig thuis kan wonen. Dit is lang niet altijd makkelijk of vanzelfsprekend. Het kan een partner of mantelzorger teveel worden. Als je hulp van buitenaf moet inschakelen is dat ingrijpend; vanwege het schuldgevoel, het gevoel dat men gefaald heeft en de angst hem of haar kwijt te raken. Daarom wordt er vaak lang gewacht waardoor er uiteindelijk probleemsituaties kunnen ontstaan”, aldus Anita, die aangeeft dat er (tijdelijke) oplossingen zijn die het thuisfront kunnen ontlasten. “Een aantal dagdelen of dagen een ontmoetingscentrum bezoeken bijvoorbeeld. Men kan deelnemen aan een afgestemd activiteitenaanbod en zowel de cliënt als de mantelzorger kunnen in het ontmoetingscentrum een luisterend oor vinden. Hierdoor ontstaat er rust, regelmaat en structuur, iets waar mensen met dementie sterk behoefte aan hebben. Wanneer thuis wonen echt niet meer gaat, moet er gezocht worden naar een plaats in een woonzorgcentrum, verpleeghuis of kleinschalig-wonen voorziening. We kijken naar een woonvoorziening die het beste past bij de cliënt maar ook diens omgeving. Verhuizen is een moeilijke stap, die wij als casemanager zorgvuldig begeleiden. Welke ontwikkeling er zich bij de cliënt ook voordoet, we houden overzicht op de totale zorgsituatie en streven er naar om het de cliënt zo prettig mogelijk te maken”.

Niet-pluis-gevoel
Wanneer wordt een casemanager ingeschakeld? Anita: “Als sprake is van het ‘niet-pluis-gevoel’ wordt er een beroep gedaan op de casemanager. Vaak is er een situatie dat er ‘iets’ niet klopt. Sleutels die je ineens terug vindt in de koelkast of er heilig van overtuigd zijn dat je handtas gestolen is, terwijl je hem in het schoenenkastje hebt gelegd. Omstandigheden die toch aanleiding geven om af te tasten wat er aan de hand is. Dit doen we in gezamenlijkheid met de cliënt, zijn familie, en eventueel de thuiszorg. Als blijkt dat incidenten structureel beginnen te worden, wordt in samenwerking met de huisarts, wijkverpleegkundige en specialist, onderzocht of dementie de oorzaak is, waarna het vervolgtraject in gang gezet kan worden”, aldus Anita, die in elke nieuwe situatie het vertrouwen moet zien te winnen. “Men legt immers ziel en zaligheid in jouw handen. Het leven dat men heeft geleefd verandert mede door jouw toedoen. Soms ziet men dat (nog) niet en is er, vanzelfsprekend, weerstand. Pas als aangetoond kan worden dat we het beste voor hebben en we daadwerkelijk voor oplossingen kunnen zorgen, verdwijnt het wantrouwen. Soms duurt dit lang en is veel geduld nodig. Het zal niet de eerste keer zijn dat ik op een nieuw adres alleen contact heb door de brievenbus. Door regelmatig langs te gaan kan het zijn dat na weken of zelfs na enkele maanden de deur open gaat”.

Geen verwijzing
Bij de geringste twijfel of onrust kan er altijd contact opgenomen worden met een casemanager. “Hoe eerder, hoe beter. Zo kunnen we eventuele ongerustheid weg nemen of direct hulp bieden, indien nodig. Contact opnemen kan op diverse manieren”, legt Anita uit. “Om te beginnen is het goed te weten dat contact opnemen vrijblijvend is en er geen verwijzing nodig is. Via huisarts, GGZ, ziekenhuis, zorg- of maatschappelijke organisaties kan men met ons in contact komen. Je kunt uiteraard ook zèlf bellen of mailen naar Pieter van Foreest. Bellen kan naar 015- 5155000. De medewerker aan de telefoon brengt u met ons in contact. Samen kijken we wat de situatie is en wat er nodig is”.

Pas jij bij Pieter van Foreest?

Vind je vacature

Samen, jezelf zijn, boven verwachting

Wij vinden dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn. Het leven leiden dat je zelf wilt. Gelukkig zijn zoals je daar zelf of samen naar streeft. Dat is de grootste rijkdom voor mensen. Oók als je hulp en ondersteuning nodig hebt.

Daarvoor werken we samen. Want alleen samen met de cliënt, familie, mantelzorgers, collega’s, vrijwilligers, buurtgenoten en samenwerkingspartners kunnen we hét verschil maken en de gewone dingen boven verwachting goed doen.