Bewoner Jos (81) was voor even weer politieman
Wanneer er een politiewagen met sirenes en blauwe zwaailichten het terrein van woonzorglocatie De Bieslandhof in Delft op rijdt, kijken enkele bewoners verrast op. De komst van de politie blijkt echter een bijzondere reden te hebben: tussen twee agenten door verschijnt de 81‑jarige Jos, die zichtbaar geniet van het moment. Voor hem voelt het alsof hij even terug is in zijn oude werkzame leven.
Jos, die dementerend is, werd eerder die dag nietsvermoedend van zijn kamer gehaald. Dat zijn dochter samen met zijn vroegere collega en vriend Jan Leen zou langskomen, had hij niet verwacht. De verrassing wordt nog groter wanneer er ook twee agenten binnenstappen. Hij geeft toe dat hij het spannend vindt, maar zijn glimlach verraadt vooral enthousiasme.
Op de afdeling Delftsgeel ontstond het idee voor een wensbox, bedoeld om bewoners iets bijzonders te laten beleven. Initiatiefneemster Melissa Janse vertelt dat het team het belangrijk vindt dat bewoners nog mooie ervaringen kunnen opdoen. Voor Jos was de keuze duidelijk: nog één keer terug naar zijn tijd bij de politie.
Als jonge man twijfelde hij of hij wel groot genoeg was voor het vak, maar dankzij steun van de toenmalige burgemeester van Delft, Jan Marie Ravesloot, kreeg hij toch een kans. Hij werkte uiteindelijk zo’n vijftig jaar bij de politie, zowel op de motor als in de auto, vooral op de route tussen Rotterdam en Den Haag. Hij herinnert zich de spanning, het onverwachte en het achtervolgen van hardrijders nog levendig.
De wensbox leverde al verschillende verzoeken op: van een meet‑and‑greet met een zanger tot het verven van wenkbrauwen en zelfs een wens om te gaan zwemmen, al moet daar nog een badpak voor worden geregeld. Voor Jos was de wens helder: nog één keer met de politie over de A13 rijden. En dus stapt hij die middag rustig in een glimmende politiewagen, al merkt hij op dat hij vroeger altijd in een BMW reed.
Zijn oude collega Jan Leen gaat mee. De twee zien elkaar nog wekelijks en halen vaak herinneringen op aan hun tijd samen. Hoewel de agenten die Jos begeleiden lang zijn, lijken ze kleiner naast de ervaren oud‑politieman. Wanneer ze vragen of hij het leuk zou vinden om de sirenes en blauwe lampen aan te zetten, reageert hij zonder twijfel: dat wil hij graag, en hij drukt zelf op de knop.
Na een rit van bijna een uur keert de politiewagen terug bij De Bieslandhof. Jos straalt. Het voelde vertrouwd, zegt hij: het snelle rijden, de sirenes, het verkeer dat aan de kant gaat. Voor hem was het alsof hij even terug was in zijn oude leven.
